Of bel naar het telefonisch spreekuur, dagelijks tussen 9-11u en 16-17u
078 - 770 81 81

groei & ontwikkeling

Je kind ontwikkelt zich heel snel in de puberteit; lichamelijk, emotioneel en verstandelijk. Pubers groeien hard en worden langer. Ook wordt je kind seksueel ‘rijp’. De ontwikkeling van het puberbrein gaat nog door tot je kind een jaar of 25 is.

Veranderingen

Vrijwel elke ouder vindt het boeiend om te zien hoe zijn of haar kind zich ontwikkelt en opgroeit. De meeste ouders genieten van elke ontwikkelingsfase. Nu je kind in de puberteit is, verandert er veel. Je kind wordt zelfstandiger en volwassen. Bij de meeste jongeren verloopt dat gelukkig probleemloos, maar soms gaat het anders. Dan zijn er tegenslagen en lopen dingen anders dan je gehoopt had.

Groei en ontwikkeling

De groei en ontwikkeling van je kind verloopt in stadia. Dat geldt voor de lichamelijke ontwikkeling, maar ook voor de ontwikkeling van de zintuigen, de sociaal-emotionele ontwikkeling, de verstandelijke ontwikkeling en de spraak- en taalontwikkeling. Dat je kind seksuele gevoelens krijgt, is onderdeel van de seksuele ontwikkeling.

Groei en lichamelijke ontwikkeling

Pubers groeien hard; eerst in de lengte en dan in de breedte. Ze moeten daar soms echt aan wennen. In korte tijd worden ze ineens veel langer en ze krijgen grotere handen en voeten. Hun geslachtsdelen groeien ook, ze krijgen lichaamshaar en ze worden ongesteld of krijgen zaadlozingen. Meisjes krijgen grotere borsten. Dit is onderdeel van de seksuele ontwikkeling.

Vergelijken

Bij dat wennen aan je ‘nieuwe’ lichaam hoort vergelijken met anderen. Veel meisjes vinden dat ze te dikke of juist te dunne dijbenen hebben. Ze vinden ook vaak dat hun borsten te klein blijven of ze vinden hun hele lichaam te dik of te dun. Jongens vergelijken ook. Zij vinden zichzelf vaak te iel, te mager. Dat staat niet zo stoer en krachtig als een breed, gespierd lijf. Later komt dat meestal vanzelf goed. Voorlopig is hun lichaam nog niet uitgegroeid. Sporten helpt!

Elk kind is anders

Bedenk dat ieder kind anders is. Bepaalde ontwikkelingen komen bij het ene kind wat later dan bij het andere. Dat hoeft niet te betekenen dat er iets mis is. Zo verschilt het per kind wanneer de groeispurt begint.

Ontwikkeling van de hersenen

De hersenen groeien door totdat je kind 23 jaar is of nog ouder. Hersenen bestaan uit zenuwcellen en verbindingen. In de puberteit zijn de hersenen sterk aan het veranderen. Pubers krijgen geleidelijk aan minder verbindingen tussen de zenuwcellen, maar deze worden wel dikker. Deze verbindingen worden geleidelijk beter ingesteld op een zelfstandig leven.

Tijdens het veranderingsproces is het erg onrustig en soms zelfs chaotisch in het puberhoofd. Dat verklaart veel van de wisselvalligheid in het gedrag van pubers.

Wisselvalligheid

De ene keer kun je verstandig met pubers praten, kunnen ze hun emoties beheersen en hebben ze een evenwichtig oordeel. Het andere moment willen ze naar geen redelijk argument luisteren. Ze denken heel zwart-wit of hebben onbegrijpelijke uitbarstingen van emoties.

Risico’s nemen

De wisselvalligheid van pubers heeft niet alleen met de hersenen, maar ook met hormonen te maken. Vooral het hormoon testosteron wordt actief in het deel van de hersenen dat betrokken is bij spanning en emoties. Gevoelens kunnen daardoor snel en hoog oplopen.

Daarbij zoeken pubers ook vaak naar intense ervaringen, terwijl het deel van de hersenen dat betrokken is bij het beheersen van impulsen en afwegen van risico’s pas rond het twintigste jaar klaar is. Er is dus een periode dat ze nog niet verstandig nadenken voordat ze iets doen maar wel op zoek gaan naar risico.

Grenzen

Pubers zijn ook steeds op zoek naar grenzen. Ze willen ontdekken of ze over die grenzen heen kunnen gaan of ze kunnen verleggen.

Trefwoorden A-Z